Huisvesting en klimaatregeling voor jonge moerasschildpadden

Jonge dieren kunnen zowel  in een terrarium als buiten gehouden worden. In dit laatste geval moet er wel op gelet worden dat de dieren niet ten prooi kunnen vallen aan wilde dieren. Belangrijk in een terrarium is om voldoende licht en warmte te voorzien. Dit kan men doen door gebruik te maken van kwikontladingslampen (bright sun, powersun). Deze bron geeft zowel licht, warmte en UV-stralen af, zoals de zon dit doet in de natuur. Dit maakt het de meest natuurlijke methode.  Onder de lamp zou het toch minstens 35°C moeten zijn. Algemene omgevingstemperatuur moet schommelen rond de 25°C. Eens ze ouder worden, kan men ze best buiten houden omdat ze dan een terrarium nodig hebben van minstens 180x180x90 cm.

Door middel van een kleine serre met een keramische lamp verbonden met een dag-nacht thermostaat, kunnen de dieren zich ook bij slechter weer buiten voldoende opwarmen. Ook buiten moet ervoor gezorgd worden dat het onder de lamp minstens 35°C is. Zo kunnen de dieren zich ten allen tijde opwarmen.

Het feit dat deze schildpadden zich voldoende moeten kunnen opwarmen, is van belang voor hun verteringsproces. Een lichaamstemperatuur van 35°C is namelijk noodzakelijk om hun voedsel voldoende te kunnen verteren.

’s Nachts moet er niet extra verwarmd worden en volstaat kamertemperatuur (20-22°C).  In een terrarium voorzien we naast verlichting ook enkele schuilplaatsen en een kom met water zodat ze kunnen drinken.

Als bodembedekking gebruiken we een mengsel van bosgrond met lemige zandgrond. Er bestaan ook kant-en-klare mengelingen.

Zeker voor kleine dieren is het belangrijk om de grond voldoende vochtig te houden. Dit doen we door om de dag het terrarium te besproeien.

Dierenarts voor Mediterrane landschildpadden

In dit artikel zal beschreven worden hoe Griekse, Moorse en breedrandschildpadden verzorgd moeten worden. Deze dieren staan op de CITESlijst. Dit wil zeggen dat men bij aankoop een CITESdocument moet meekrijgen van de verkoper en dat men ze moet laten chippen eens ze groter zijn dan 10 cm. Als deze dieren correct gehouden worden, kunnen ze tot 60 jaar oud worden. Velen van hen worden echter nog altijd zonder enige vorm van bijverwarming gehouden, waardoor ze nooit zo lang leven. Deze verwarming is nodig omdat ze van oorsprong uit het middellandse zeegebied zijn en de zomers daar veel warmer zijn en langer duren dan onze Belgische zomers. 

Net als in de natuur is het belangrijk dat de dieren in winterslaap gaan. Jonge dieren kunnen de eerste drie jaren nog warm gehouden worden in de winter, maar nadien is winterslaap erg belangrijk. Tijdens  de winterslaap valt het metabolisme van het dier stil, dit zorgt ervoor dat ze veel langer kunnen leven. Om te kweken is een winterslaap onontbeerlijk. Als dieren acht weken voor de winterslaap goed gecontroleerd worden door een ervaren reptielenarts (gewicht en mestonderzoek, ontworming), zijn er geen grote risico’s aan de winterslaap.  Om hen voor te bereiden voor de winterslaap vermindert men het aantal uren licht dat toegediend wordt in het terrarium. Zo koelt de temperatuur geleidelijk af. De laatste twee weken stopt men ook volledig met voederen en geeft men ze een lauw badje om hun darmen te ledigen. In het buitenverblijf wordt de lamp eveneens uitgezet zodat ze zich niet meer kunnen opwarmen en hierdoor minder actief worden. Ook daar stopt men de laatste weken met voederen en geeft men ze een badje. Belangrijk is om zeker de laatste weken te zorgen dat ze voldoende drinken zodat ze voldoende gehydrateerd aan de winterslaap beginnen. Voor de winterslaap weegt men best de dieren zodat kan bijgehouden worden of ze niet teveel gewicht verliezen tijdens de winterslaap. Als de dieren zich buiten ingraven, moet men zorgen dat de plaats waar ze zitten nooit te erg kan bevriezen. Dit kan men doen door boven hun plek een keramische lamp te hangen en zo de temperatuur in de grond op 5 °C te houden. Daarnaast kunnen ze ook overwinteren in een bak gevuld met aarde en hooi in een koude kelder of garage. De temperatuur moet hier tussen de 5 en 7 °C zijn. Bij een te warme temperatuur verliezen ze teveel energie, bij vriestemperatuur kunnen ze vriesletsels oplopen. Ook kunnen ze overwinteren in een krat in een oude frigo met een bakje water om dehydratatie tegen te gaan. Voordeel van deze methode is dat men de dieren beter kan controleren. Men kan ze elke drie weken even uit hun verblijf halen en wegen. Ze mogen niet meer dan vijf percent van hun begingewicht verliezen tijdens de winterslaap. Doen ze dit toch, dan moet men hen doen ontwaken door hen een lauw badje te geven en hen terug in een verwarmd terrarium te zetten. Na drie tot vier maanden haalt men hen uit de winterslaap door hen op te warmen en lauwe badjes te geven.

Voeding

Voortplanting

Wanneer de landschildpadden 10 cm groot zijn, zijn hun geslachten te onderscheiden. Mannetjes hebben namelijk een dikkere en langere staart en hebben een bol buikschild. Zij blijven ook meestal kleiner. Een mannetje is geslachtsrijp op 4 tot 8 jarige leeftijd, een vrouwtje pas op 14 jaar. Eieren worden afgelegd na het graven van een kuil in licht vochtig zand. Meestal is deze gericht naar het zuiden. Ze kunnen tot twee legsels per jaar afleggen, het eerste meestal vijf tot zeven weken na de winterslaap. Een legsel bevat gemiddeld 3 tot 8 eieren. Als men de eieren wil incuberen moeten ze voorzichtig opgegraven worden en mogen ze niet omgedraaid worden.  Leg ze dan in vochtig vermiculiet in een incubator.

De relatieve vochtigheid van de incubator houden we tussen 70 tot 80%, de temperatuur tussen 26 en 33°C.

Na vijftig tot tachtig dagen zullen de jongen uit het ei kippen. Bij lage temperaturen komen er  voornamelijk mannetjes uit, hogere temperaturen leveren meer vrouwtjes op.

Het belang en de voorbereiding van de winterslaap voor landschildpadden

Net als in de natuur is het belangrijk dat de dieren in winterslaap gaan.

Jonge dieren kunnen de eerste drie jaren nog warm gehouden worden in de winter, maar nadien is winterslaap erg belangrijk.

Tijdens  de winterslaap valt het metabolisme van het dier stil, dit zorgt ervoor dat ze veel langer kunnen leven. Om te kweken is een winterslaap onontbeerlijk.

Als dieren acht weken voor de winterslaap goed gecontroleerd worden door een ervaren reptielenarts (gewicht en mestonderzoek, ontworming), zijn er geen grote risico’s aan de winterslaap.  

Om hen voor te bereiden voor de winterslaap vermindert men het aantal uren licht dat toegediend wordt in het terrarium. Zo koelt de temperatuur geleidelijk af.

De laatste twee weken stopt men ook volledig met voederen en geeft men ze een lauw badje om hun darmen te ledigen. In het buitenverblijf wordt de lamp eveneens uitgezet zodat ze zich niet meer kunnen opwarmen en hierdoor minder actief worden.

Ook daar stopt men de laatste weken met voederen en geeft men ze een badje. Belangrijk is om zeker de laatste weken te zorgen dat ze voldoende drinken zodat ze voldoende gehydrateerd aan de winterslaap beginnen.

Voor de winterslaap weegt men best de dieren zodat kan bijgehouden worden of ze niet teveel gewicht verliezen tijdens de winterslaap. Als de dieren zich buiten ingraven, moet men zorgen dat de plaats waar ze zitten nooit te erg kan bevriezen.

Dit kan men doen door boven hun plek een keramische lamp te hangen en zo de temperatuur in de grond op 5 °C te houden. Daarnaast kunnen ze ook overwinteren in een bak gevuld met aarde en hooi in een koude kelder of garage. De temperatuur moet hier tussen de 5 en 7 °C zijn. Bij een te warme temperatuur verliezen ze teveel energie, bij vriestemperatuur kunnen ze vriesletsels oplopen.

Ook kunnen ze overwinteren in een krat in een oude frigo met een bakje water om dehydratatie tegen te gaan. Voordeel van deze methode is dat men de dieren beter kan controleren. Men kan ze elke drie weken even uit hun verblijf halen en wegen. Ze mogen niet meer dan vijf percent van hun begingewicht verliezen tijdens de winterslaap. Doen ze dit toch, dan moet men hen doen ontwaken door hen een lauw badje te geven en hen terug in een verwarmd terrarium te zetten. Na drie tot vier maanden haalt men hen uit de winterslaap door hen op te warmen en lauwe badjes te geven.

Vragen of advies?

Heeft u vragen of twijfelt u ergens over? Neem gerust contact met ons op, wij helpen u graag verder.